Einde vakantiepret

Het is zondagmiddag. De laatste week van de zomervakantie breekt aan.
Het regent. Of net even niet.
Toch heb ik lichtelijk de pest in dat ik de volgende dag weer moet gaan werken.

De verkleedkist staat open. Leeg.
Door de manier waarop de verkleedkleren door de kamer verspreid liggen,
lijkt het alsof de kist eerder die middag is ontploft.
Brecht ligt, gehuld in een prinsessenjurk, op de bank televisie te kijken.
Het boek in haar hand bewijst dat ze een poging heeft gedaan de verveling te lijf te gaan.
Maar de verveling heeft overduidelijk gewonnen.

Joep zit een stukje verderop voorovergebogen over een blok met tekeningen die hij moet
maken door getallen met elkaar te verbinden. Niemand zegt er meer iets van dat hij
die getallen xe9xe9n voor xe9xe9n hardop voorleest.
Naast hem de verkleedkleren die hij van plan was aan te trekken.
Ik voorzie een ruzie op het moment dat ik zeg dat we gaan eten.
Omdat hij zich nog had willen verkleden.

Midden in de kamer, tussen playmobil en een opmaakpop, zit Madelief; nog slechts gehuld
in een onderbroek en een lange, blonde pruik met klitten van twee jaar verkleedkist-verblijf.
Ze draait een barbie een hoofd af. Of een been uit.

Terwijl zij niet doorhebben dat ik ongegeneerd naar ze zit te kijken,
rekt Brecht zich eens goed uit.
Ze komt naar me toe, knuffelt me en vraagt of ik de volgende dag echt weer moet gaan werken.
In de vleiende veronderstelling dat ze gaat zeggen dat ze me gaat missen antwoord ik zuchtend: x91Helaas.x92
Maar Brecht zucht harder en zegt: x91Ik zou best morgen weer naar school willen.x92
Tjax85

Fijn schooljaar allemaal!!

PS: Geen zorgen! Brecht heeft zich (ook) de laatste week van de vakantie nog prima vermaakt!

16 August 2011
By on 16:48
Vakantiepost

We zijn op vakantie. Twee weken op Terschelling.
Brecht, Joep xe9n Madelief zoeken alledrie een kaartje uit om naar oma te sturen.
Ik vraag of er nog meer mensen zijn aan wie ze, door middel van een kaartje,
de groeten willen doen.
Meteen wordt de molen met ansichtkaarten met brandarissen in alle vormen en maten
en zeehondjes die strijden om welke er het liefste kijkt, nog wat harder rondgedraaid.
Er worden prachtige exemplaren uitgezocht.
Veelal met hartjes. En plaatjes van de brandaris en het strand.

Joep zoekt ook een kaart voor zijn juf. Die komt ook wel eens op Terschelling, weten we.
Uiteraard willen Brecht en Madelief dan ook kaarten uitzoeken voor hun juffen.
Ik schrijf hun adressen er op; zij zelf schrijven minstens hun eigen naam.
Samen met Brecht fiets ik naar de brievenbus.
Die de volgende dag prompt een beetje zenuwachtig is.
(Nee, niet de brievenbus; Brechtx85)
Omdat haar juf de kaart misschien wel krijgt!

We zijn inmiddels terug van Terschelling. En terug van een dagje zwembad.
Brecht, Joep en Madelief spelen in de tuin als ik de post op raap.
Een kaart voor Joep. Van zijn juf.
Ik loop naar de tuin en geef Joep de kaart.
Het is net zox92n kaart als hij stuurde. Met een hartje. En plaatjes van Veere.
Bijna plechtig leest hij hem voor.
Dat het zo lief is dat hij een kaartje heeft gestuurd.
x93Heb je een leuke vakantie?x94
staat er ook nog geschreven.

Joep legt de kaart op de tuintafel, loopt naar binnen en komt terug met een pen.
Hij pakt de kaart; kijkt er nog eens naar; draait x91m om.
Onder de vraag van de juf schrijft x91ie:
x93Jax94

9 August 2011
By on 14:43
Vakantiekiekjes – III

IJs, ijs, wie lust er ijs?
Mokka-ijs of vruchtenijs.
IJs, ijs, wie lust er ijs?
Ik heb ijs voor iedereen.
IJs met een lepeltje,
IJs uit een bak.
Lik op je gemak.
Neem maar lekker veel,
dat is goed voor je keel.
IMG_4176

IMG_4189

IMG_4194

Sorry, dat was ooit een liedje in de musical die de eerste klas (al sinds tijden 'groep 3') aan het einde van het schooljaar opvoerde ter verwelkoming van kleuters die naar 'onze' lagere school kwamen. 

(De musical heette 'Zeg 'ns Aaa' en ging over de juf die haar amandelen had laten knippen; ik speelde 'kind-1'; twittervrienden kennen die term wellicht als pseudoniem voor Brecht; die toen nog heeeeeel lang uit twee delen zou bestaan…)
Ik zong het liedje niet zelf; Johnny (tegenwoordig John) zong het. Maar ik ken dit stukje nog. Ik kan er niks aan doen…
Maar goed…
ijs dus!! 

27 July 2011
By on 08:09
Vakantiekiekjes – II

Lange files naar het zuiden
Holland plat in de Spaanse zon
Geen beweging in te krijgen
Spaans benauwd in Spaans beton

Ik wil wat doen deze zomer
Wat kan ik doen deze zomer
Ik moet wat doen deze zomer
Wat kan ik doen deze zomer

IMG_3933

Wat moet ik in het buitenland
Onbetaalbaar aangebrand
Wat moet ik deze luie lange zomer
'k Heb geen zin in lekker languit achterover

Ik wil wat doen deze zomer
Wat kan ik doen deze zomer
Ik moet wat doen deze zomer
Wat kan ik doen deze zomer

Geef me wind en zeilen
Geef me zon en noordzee
Waai ik naar een eiland (Over de golven door de branding)
Geef me wind en zeilen
In een golf verdwijnen
Waai ik naar een eiland (Dwars door het wad)

IMG_3870

Luie, lange, lome zomer
Volle stranden, lege stad
Dagen languit achterover
En wekenland aan 't zweten op het hete zand

Ik wil wat doen deze zomer
Wat kan ik doen deze zomer
Ik moet wat doen deze zomer
Ik wil wat doen deze zomer

IMG_4082

Geef me wind en zeilen
Geef me zon en noordzee
Waai ik naar een eiland (Over de golven door de branding)
Geef me wind en zeilen
Geef me zon en noordzee
Waai ik naar een eiland…

IMG_3898 IMG_3835 IMG_3713 IMG_3888 

Met dank aan Splitsing voor hun grootste succes uit 1985: Wind en Zeilen.

IMG_3712

 

25 July 2011
By on 09:00
Vakantiekiekjes – I

 

Zondag.
IMG_3759

We voetbalden op het strand.
Ik verloor, hoogstwaarschijnlijk uiteraard, bij een prachtige passeerbeweging, de autosleutel.
En Marc vond hem terug.
Joep bepaalde de spelregels.
Wie wel en wie niet mee mocht doen.
En wie het goed deed en wie niet.
Brecht had een zere kleine teen.
De donkere wolk waar we in de verte regen uit zagen vallen, kwam steeds dichter bij.
En Madelief zocht schelpjes.
Die liet ze vallen toen we nog even gingen overgooien.
Dat mocht namelijk van Joep.
De eerste druppels vielen en al snel de volgenden.
Groot, erg snel na elkaar en ook nog eens erg nat.
We gingen terug naar de auto.
Waar we god-zij-dank de sleutel van hadden.
En waar we doorweekt aankwamen.
Desondanks had Madelief nog even terug gewild.
Om de schelpjes op te halen.
Ik zei nog dat er op maandag altijd veel mooiere schelpjes zijn,
dat de zondag-schelpjes nauwelijks de moeite waard zijn.
Maar Madelief geloofde me niet.
En was boos. Omdat we niet terug gingen.
Eenmaal doorweekt bij de auto was ze de schelpjes overigens wel vergeten.
Moest ze lachen om mamma 'r benen. Die je zo door haar broek heen kon zien.
Brecht weet zeker dat haar kleren het natst zijn.
Joep denkt dat niemand natter haar heeft dan hij op zijn gemillimeterde achterhoofd. 

 

Maandag.
We hebben niet de bal bij ons.
Joep en Brecht hollen en rollen in de duinen.
Madelief schommelt.
En holt en rolt er uiteindelijk achteraan.
Ze denkt niet aan schelpjes.
Weer vallen er spetters.
Zoals eigenlijk de hele dag.
We lopen terug naar de auto.
En Madelief wordt weer boos.
Zij was nog aan het rollen.
En wij wilden niet eens op haar wachten.
Ik verbaas me over deze verontwaardiging.
Joep herinnert zich zijn natte achterhoofd.
Pakt Madelief bij de hand.
En loopt mopperend naar boven. Naar de auto.
'Kom Madelief, anders maakt de regen ons weer zo nat.'
IMG_3786

(PS: de bovenste foto is stiekem ook van maandag en niet van zondag.
Maar hxe9, het was hetzelfde, waanzinnig lange, strand xe9n hetzelfde -u hoort mij niet zeuren- weertype) 

19 July 2011
By on 10:00
Dat

Dat je in een lege lift stapt.
En dan even krabt waar dat niet zo netjes is.

En dat je dan toch even om je heen kijkt.
En denkt
Zouden er eigenlijk bewakingscamera's zijn?

11 July 2011
By on 17:16
Sentimentele troep

Ik moet u wellicht waarschuwen.
Tot u schrijft een sentimentele gek.*
Hecht zich aan herinneringen.
Hecht zich aan momenten.
Hecht zich aan mensen. Uiteraard.
Hecht zich aan haar kinderen. Uiteraad het allermeest.
Da's op zich niet gek.
Maar je kunt ook overdrijven.
Ik herinner me details die totaal niet ter zake doen.
Ik zou momenten in een doosje willen doen. Netjes archiveren
en administreren waar ik welk doosje met welk momentje kan vinden.
En dat ik het dan altijd even kan pakken.
Ik wil altijd kunnen zorgen dat mensen lekker in hun vel zitten.
En kan er niet mee omgaan als dat bij sommige mensen niet in mijn vermogen blijkt te liggen.
Ik ben die moeder die altijd met natte ogen bij tien-minuten-gesprekken zit.
En soms zelfs ongegeneerd zit te janken. En dan zichzelf wijsmaakt dat dat
heus niet genant is….

Afgelopen weekend had ik het even moeilijk.
Herinneringen, momenten, mensen, kinderen.
Allemaal verenigd.
En ik moest afscheid nemen.

Ik moet u wellicht waarschuwen.
Tot u schrijft een sentimentele gek.

Het zal mei 2003 geweest zijn.
Of juni. Zoiets.
En ik werd er een beetje giechelig van. En zenuwachtig.
Samen met m'n moeder ging ik shoppen.
Voor wat officieel 'positiekleding' heet.
Want ik was zwanger.
Van mijn eerste kindje.
Nog geen idee wat dat met me zou doen.

Ik vond die broeken zo achterlijk.
Dat malle, extra rekbare, ronde stuk aan e voorkant.
Daar kun je honderd keer een shirt overheen hangen;
of een band omheen dragen;
maar dat ziet er toch niet uit!
Maar ja, de knoop van m'n gewone broek niet meer dichtdoen,
was al bijna niet toereikend meer.
En voor mijn kindje deed ik natuurlijk alles.
Desnoods met zo'n broek aan.

Dus ik kocht broeken.
Met zo'n belachelijk stuk erin.
Waar ik uiteraard het nut wel van in zag;
maar toch echt gewoon stom vond.

De lekkerste was een spijkerbroek.
Ook gelijk de stomste want de blauwe, rekbare, stof
Stak nogal af.
Maar ik droeg er zo'n zalig shirt overheen.
Rood en ruim.
Dektte de boel mooi af.
En zat zo zalig.

Toen de eerste wexeben zich aandienden.
Trok ik dat shirt aan.
Ik pufte op een stoel; aan de tafel; op de bank; over het aanrecht gebogen;
omgekeerd op een stoel en in bed. Allemaal met het shirt aan.
Ik pufte ook onder de douche. Maar dan trok ik het even uit.
En daarna weer aan.
De verloskundige kwam. En ging. Kwam en ging. Kwam en ging.
Dirigeerde me terug onder de douche.
Shirt uit.
Tijden later kwam ik er weer onder vandaan.
Pufte door in bed.
Geen puf om het shirt weer aan te trekken.
Een handdoek een beetje half over me heen.
De verloskundige kwam. En bleef.
God, ik hield van dat mens!! Ze bleef!
Ze masseerde me, dronk koffie, las onze krant, pufte met me mee.
En bleef.
Uren later. Handdoek ergens. Shirt nog bij de douche. Zegt de verloskundige dat het zover is.
God, ik hield van dat mens. Het was zover!

Nog wat later.
Ik ben moeder.
Het vel van mijn dochter op mijn vel.
Ik voel het nog. Vaak. Maar ook hoe het toen was.
Ik ben in tranen. Ik ben moe. Ik ben moeder.
Aan de kraamhulp die inmiddels is aangeschoven, vraag ik of ze mijn shirt even wil pakken.
Die ligt nog bij de douche.
De volgende dag moet het shirt van haar in de was.
Begrijp je nou zo'n mens?

Het wordt december 2005.
En ik vind dat ik al zo snel dikker word.
Dat blijkt niet geheel onlogisch.
En dus zoek ik de malle broeken maar weer op.
Dat zit toch lekkerder…
En dat shirt! Ik heb dat shirt nog! Dat zalige shirt!
Het blijkt het enige shirt dat ook aan het eind van mijn zwangerschap ook nog
xf3ver mijn buik heen past. Er niet bovenop blijft liggen.

Als de eerste wexeben zich aandienen, mag ik niet thuis blijven puffen.
We moeten om medische redenen in het ziekenhuis puffen.
Ik heb dat shirt aan. En veel ziekenhuis-toeters en -bellen.
De eerste verlosploeg komt. Geeft handjes. Kijkt wat. Voelt wat.
De eerste verlosploeg kijkt wat. Voelt wat. Gaat.
De tweede verlosploeg komt. Geeft handjes. Kijkt wat. Voelt wat.
God, wat had ik een hekel aan die ploegen.
Ik puf door de ergernis heen. Houd me vast aan me shirt.
Het hoofd van de tweede verlosploeg steekt zijn hoofd om de hoek.
Van de deur. Kijkt wat. Voelt wat. Praat wat.
Niet tegen mij.
Hij knipt. Ik zeg 'au'.
En ik ben weer moeder.
Het vel van mijn zoon op mijn shirt. Bebloed.

Het hoofd van de tweede verlosploeg kijkt moeilijk. Voelt wat. Kijkt nog wat. En beslist wat.
Opeens lig ik in de lift. In mijn shirt. Met bloed.

Ik word wakker.
In mijn shirt.
Met een medicinaal goedje.
Niet het vel van mijn dochter, maar een flinke pleister op mijn vel.
Na het oefenen van veel geduld eindelijk mijn zoon en dochter tegen mijn shirt.
Dan moet het shirt echt in de was.

Nog dagenlang pas ik bijna alleen dat shirt.
Ik woon in dat shirt.
Teken me maar uit in dat shirt.
Als ik weer in normale kleren kan, gooi ik die malle broeken weg.
Maar houd ik nog steeds van dat shirt.
Ik trek het aan zodra ik thuis ben.
Als ik in een shirt slaap, doe ik het in dat shirt.
Het geboorte-shirt.
Weken, maanden, jaren verstrijken.
Ik blijf het shirt dragen.
Het rafelt. Er zitten gaten in. Het is uit vorm.
Het zit niet eens lekker meer.
Het kan echt niet meer.
Bijna had ik 'm bewaard. Bij de babykleertjes.

Maar ik heb hard opgetreden.
Ik stelde uit en deed het in de was.
Ik stelde verder uit en deed het in de droger.
Ik stelde nog verder uit en vouwde het op.
Ik krabde eens op mijn achterhoofd, vermande me. En gooide het weg.
Dag shirt.
Ik hoop dat je weet dat ik altijd veel van je gehouden heb.
Dag shirt.
Ik zal aan je denken…

* NB
Ik kan de meest gruwelijk grove teksten uitslaan
Ik kan heel lelijk denken over mensen. Zelfs over kinderen.
Mijn inlevingsvermogen gaat veel te ver, maar ik irriteer mesoms mateloos
als dat bij anderen niet het geval is.
Ik heb veel begrip. Maar niet voor alles.
Aan sommige mensen heb ik simpelweg een hekel. Soms gewoon zomaar.
Want ik ben natuurlijk geen mietje!!
;-)

6 July 2011
By on 18:57
Vakantie

Vakantie 

Zelfde kind, zelfde zwembad, zelfde fotograaf.
Andere zomer. Andere vakantie.
Maar wel vakantie!

(PS: Keurslager John Boere in Haastrecht roels. Big time!….)


By on 05:14
Vakantiepret

Jarenlang brachten wij iedere zomervakantie twee weken door in onze bungalowtent op
steeds wisselende campings in Nederland. Achtereenvolgens bracht een Kever,
een (lelijke) Eend, een groene Daf en een rode Daf ons naar onze vakantiebestemming.
En allemaal waren ze uitgerust met een emmertje om de gevolgen van mijn wagenziekte
op te vangen. Want waar mijn zus in de auto zowel boeken kon lezen als kon slapen,
desnoods tegelijkertijd, daar werd ik al misselijk bij de gedachte er aan.
Naarmate de bestemming onbekender was, of naarmate mijn vader beter liet blijken
de weg niet te kennen, nam de kans op wagenziekte toe.
Bij de eerste signalen werd ik bovendien gevoeliger voor geluiden die de auto anders nooit maakte.
En zieker.
In mijn herinnering waren het vooral de beide daffen die uitblonken in geluiden die er op wezen
dat zij weldra uit elkaar zouden vallen. Omdat het unieke aandrijfsysteem van de Daf in zowel
de groene als de rode variant het (inderdaad) met enige regelmaat begaf,
nam mijn paniek toe naarmate dit mankement alweer enige tijd geleden was.
En daarmee, uiteraard, de wagenziekte.

Maar toen kocht mijn vader een nieuwe Daf!
Een bruine.
En hij vertrouwde deze Daf dusdanig dat hij besloot er mee naar het buitenland op vakantie te kunnen.
Op weg naar Oostenrijk stonden we al voor de grens met pech.
Ik met mijn wagenziekte ernaast.

Inmiddels breng ik met Brecht, Joep en Madelief xe9n Marc onze zomervakanties door in steeds wisselende vakantiehuisjes ergens in Nederland.
Als NS-medewerker stuur ik de helft van het gezin met de trein op pad en reis ik zelf met de resterende helft naar onze bestemming.
In een (lelijke) Daewoo.
Zonder emmertje!

Fijne vakantie allemaal!!

NB: We zijn nog niet weg hoor! Maar de schoolvakantie staat hier op het punt van losbreken!

30 June 2011
By on 17:37
Een hele bevalling

Op het moment dat u dit leest, zijn Joep en Madelief inmiddels vijf jaar oud.
Op het moment dat ik dit typ, zijn we halverwege de festiviteiten rond dit heuglijke feit.
Om eerlijk te zijn hang ik, weliswaar met laptop op schoot, behoorlijk uitgeteld op de bank.
Voor ik het in de gaten heb dwalen mijn gedachten af naar de geboorte van ons jonge duo.
Ik doe er geen moeite voor;
ik heb er niet om gevraagd;
het gebeurt gewoon. Zomaar.
Ik zou ook het hele kinderfeestje nog eens kunnen herbeleven. Of ballonnen voor de volgende dag
kunnen opblazen. Maar mijn hormonen dringen me de beelden van vijf jaar geleden op.

Opeens staat alles weer kraakhelder op mijn netvlies.
Vanaf het plassen van een roze stip tot het moment van moe maar voldaan met twee nieuwe wereldburgers in bed liggen.
Ik herinner me de irrexeble angst dat mijn buik spontaan uit elkaar zou barsten van zoveel groeiende
inwoning. Ik maak me opnieuw zorgen of we wel op tijd in het ziekenhuis zullen zijn.
Ik ben me weer bewust van de plotseling geforceerde geboorte van Joep. Ik zie me weer,
verwijderd van man en kersvers kind, in de lift op weg naar de operatiekamer.
En ik lig opnieuw te trappelen van ongeduld tot ik eindelijk ook Madelief mag zien.
Heel even liggen we weer met zx92n driexebn moe in bed. En alles daar tussenin. Maar dan veel sneller.

Ondertussen hang ik dus moe maar voldaan achterover.
Vijf jaar geleden was ik voorbereid op het moeten leveren van een zware prestatie.
Maar bij kinderfeestjes had ik toen nog niet echt stil gestaan.
Toch jaarlijks een hele bevalling!

21 June 2011
By on 11:00